Naar hoofdinhoud
Close-up van een zwarte achterderailleur met ketting, versnellingskabel en geleidewieltjes onder het frame van een fiets
Onderhoud

Fietsversnellingen afstellen: derailleur en naafversnelling

Door Thomas Bakker14 juli 20265 min leestijd

Foto: Alextredz · CC BY-SA 4.0

Deel dit artikel

Haperende of overspringende versnellingen komen bijna altijd door de kabelspanning, en die stel je zelf bij met de stelbus bij je shifter of derailleur. Draai de bus een kwartslag per keer terwijl je rondtrapt, dan schakelt de ketting weer netjes op het juiste tandwiel. Een naafversnelling stel je anders af: daar lijn je twee gele markeringen in een venstertje uit. Lukt schakelen daarna nog niet, dan zit het probleem vaak dieper, zoals een verbogen derailleurhanger.

Niets is zo vervelend als een fiets die tijdens het schakelen blijft ratelen of ineens twee tandwielen verspringt. Het goede nieuws: de meeste schakelklachten los je in een paar minuten zelf op, zonder speciaal gereedschap. In dit artikel leggen we uit hoe je een derailleur en een naafversnelling afstelt, en wanneer je beter naar de werkplaats gaat.

Waarom lopen versnellingen na verloop van tijd uit afstelling?

Een schakelsysteem werkt met een kabel die onder spanning staat, en die spanning verandert langzaam. Een nieuwe versnellingskabel rekt de eerste weken een beetje op, waardoor de afstelling verloopt en het schakelen trager wordt. Daarnaast kruipt er vuil in de kabelmantel, drogen de bewegende delen uit en kan de derailleur een tik krijgen bij het stallen of tijdens transport. Het gevolg is bijna altijd hetzelfde: de ketting twijfelt bij het opschakelen, ratelt tussen twee tandwielen of springt te ver door. In de meeste gevallen is een kwartslag aan de stelbus genoeg om alles weer strak te zetten.

Derailleur of naafversnelling: wat heb jij?

Voordat je begint, is het belangrijk te weten welk systeem op je fiets zit, want ze stellen totaal anders af. Bij een derailleur (buitenliggende versnelling) zie je de ketting over een waaier van tandwielen achterop het wiel lopen, met een verende arm die de ketting zijwaarts verschuift. Bij een naafversnelling zit het schakelwerk verborgen in de dikke achternaaf en loopt de ketting over een enkel tandwiel. Veel Nederlandse stadsfietsen hebben een naafversnelling van Shimano (Nexus of Alfine) of Enviolo, terwijl sportievere fietsen en de meeste e-mountainbikes een derailleur gebruiken. Weet je niet zeker wat de voor- en nadelen zijn, lees dan onze vergelijking naafversnelling of derailleur.

Welk gereedschap heb je nodig?

Voor het gewone afstelwerk heb je vrijwel niets nodig. De stelbus (het geribbelde wieltje waar de kabel de shifter of derailleur in gaat) draai je met de hand. Voor de begrenzingsschroeven van een derailleur gebruik je een kleine kruis- of platte schroevendraaier, en om de kabel opnieuw vast te zetten een inbussleutel van meestal 5 millimeter. Handig is verder een fietsstandaard of een haak om het achterwiel vrij te laten draaien, zodat je kunt schakelen terwijl je met de hand trapt. Losse versnellingskabels en onderdelen vind je in de webshop voor als een kabel gerafeld of vastgeroest blijkt.

Hoe stel je een achterderailleur af?

Het afstellen van een derailleur draait bijna helemaal om de kabelspanning, die je met de stelbus regelt. Schakel eerst naar het kleinste tandwiel achter (de hoogste, zwaarste versnelling), want dan staat de kabel het meest ontspannen en heb je een vast vertrekpunt. Draai de stelbus daarna helemaal in en vervolgens een of twee slagen terug.

Trap nu rustig rond en schakel een klik omhoog, naar het volgende grotere tandwiel. Springt de ketting daar niet vlot op, dan is er te weinig spanning: draai de stelbus een kwartslag tegen de klok in en probeer opnieuw. Schiet de ketting juist te ver door of ratelt hij tegen het volgende tandwiel aan, dan is er te veel spanning en draai je de bus met de klok mee. Werk in kleine stapjes en test na elke aanpassing het hele bereik omhoog en omlaag. Als elke klik schoon en zonder ratelen op het juiste tandwiel landt, zit de indexering goed.

Hoe stel je de begrenzingsschroeven (H en L) in?

De twee kleine schroefjes op de derailleur, gemerkt met H en L, bepalen hoe ver de ketting naar buiten en naar binnen mag. Ze zijn je vangnet tegen twee dure ongelukken: een ketting die er aan de buitenkant afvalt, of een die aan de binnenkant in de spaken loopt. Je stelt ze los van de kabelspanning in.

De H-schroef (high) begrenst de stand op het kleinste tandwiel. Schakel daarheen en stel de schroef zo dat de ketting mooi recht op het kleinste tandwiel loopt zonder er aan de buitenkant af te willen. De L-schroef (low) begrenst de stand op het grootste tandwiel, vlak bij de spaken. Schakel voorzichtig naar het grootste tandwiel en draai de L-schroef zo dat de ketting daar net niet overheen de spaken in kan lopen. Draai deze schroeven met beleid, telkens een kwartslag, en houd de ketting in de gaten.

Hoe stel je een Shimano-naafversnelling af?

Een naafversnelling stel je niet met begrenzingsschroeven af, maar met twee markeringen die precies tegenover elkaar moeten staan. Bij een Shimano Nexus 7 of 8 versnelling doe je dat in versnelling 4, de meest neutrale stand. Schakel daarheen en kijk naar het kleine venstertje op de naaf of op de schakelunit bij het wiel: daar zie je twee gele streepjes of pijltjes.

Staan die twee markeringen niet recht tegenover elkaar, draai dan voorzichtig aan de stelbus bij het stuur tot ze exact uitgelijnd zijn. Schakel daarna een paar keer het hele bereik op en neer, van 1 naar 7 of 8 en terug, zodat de kabel zich zet, en controleer in versnelling 4 nog een keer of de streepjes kloppen. Een Nexus 3 werkt met een iets andere markering en soms een andere afstelstand, dus volg bij twijfel de handleiding van je specifieke naaf. Een traploze Enviolo-naaf heeft ook zijn eigen uitlijnmarkering die je op dezelfde geduldige manier gelijkzet.

Wanneer ga je naar de fietsenmaker?

Blijft het schakelen rammelen nadat je de kabelspanning netjes hebt gezet, dan zit het probleem meestal ergens anders. De meest voorkomende boosdoener is een verbogen derailleurhanger, het kleine tussenstukje waarmee de derailleur aan het frame hangt. Al een lichte verbuiging, bijvoorbeeld nadat de fiets is omgevallen, maakt het onmogelijk om het schakelen goed af te stellen, en dat recht je met speciaal gereedschap. Ook een gerafelde of vastgeroeste kabel, een versleten ketting die van de tandwielen glijdt of een naaf die intern hapert zijn werk voor de werkplaats. Twijfel je, of loopt de klus vast, laat het dan afstellen of nakijken door de werkplaats; vaak is het onderdeel van een reguliere onderhoudsbeurt. Hoe je onderhoud slim verdeelt tussen zelf doen en uitbesteden lees je in onze fietsonderhoud checklist.

Conclusie

Versnellingen afstellen is voor veruit de meeste klachten een klusje van een paar minuten. Bij een derailleur draait alles om de kabelspanning: schakel naar het kleinste tandwiel, stel bij met de stelbus in kwartslagen en gebruik de H- en L-schroef als vangnet. Een naafversnelling lijn je uit op de twee markeringen in versnelling 4. Werkt het daarna nog niet, denk dan aan een verbogen hanger of een versleten kabel, en schakel de fietsenmaker in. Wil je het meteen combineren met de rest van het onderhoud, lees dan ook hoe je de ketting smeert en schoonmaakt.

Veelgestelde vragen

Hoe weet ik of mijn versnellingen aan afstelling toe zijn?

Je merkt het aan traag of onwillig schakelen: de ketting twijfelt bij het opschakelen, ratelt tussen twee tandwielen of springt te ver door. Ook een hoorbaar getik terwijl je in een vaste versnelling rijdt, wijst vaak op een net verkeerde kabelspanning. Meestal is een kwartslag aan de stelbus genoeg om het te verhelpen.

Welke kant op draai ik de stelbus?

Bij een derailleur geldt: schakelt de ketting te traag naar een groter tandwiel, draai de stelbus dan tegen de klok in voor meer kabelspanning. Springt hij juist te ver door, draai dan met de klok mee. Werk altijd in kwartslagen en test na elke aanpassing het hele bereik.

Hoe stel ik een Shimano Nexus-naafversnelling af?

Schakel bij een Nexus 7 of 8 naar versnelling 4 en kijk naar het venstertje op de naaf. Draai aan de stelbus bij het stuur tot de twee gele markeringen exact tegenover elkaar staan. Schakel daarna een paar keer het hele bereik door zodat de kabel zich zet, en controleer de uitlijning opnieuw. Een Nexus 3 stel je iets anders af, dus volg dan de handleiding.

Mijn versnelling blijft rammelen na het afstellen, wat nu?

Als het schakelen blijft haperen terwijl de kabelspanning goed staat, is de oorzaak meestal een verbogen derailleurhanger, een gerafelde kabel of een versleten ketting. Die problemen los je niet met de stelbus op. Laat de fiets dan nakijken door een fietsenmaker; het rechten van een hanger vraagt speciaal gereedschap.

Deel dit artikel
T
Over de auteur

Thomas Bakker

Redacteur e-bikes & techniek

Thomas schrijft over e-bikes, aandrijvingen en techniek. Hij test fietsen het liefst op zijn dagelijkse woon-werkroute en pluist specificaties uit tot op de laatste newtonmeter.