
Terugtraprem of handrem: wat rijdt veiliger?
Foto: hansdorsch · CC BY-SA 2.0
Voor rustig stadsverkeer op een lichte fiets is een terugtraprem prima veilig, mits je de fiets ook een handrem voor geeft. Wil je meer remkracht, betere dosering of rijd je een zware of snelle e-bike, dan zijn handremmen voor en achter de veiligere keuze. In de praktijk hebben veel fietsen daarom een combinatie: terugtraprem achter, handrem voor.
Bijna elke Nederlander heeft ooit op een fiets met terugtraprem gereden. Je trapt achteruit en de fiets remt, zonder dat je een hendel hoeft te knijpen. Toch zie je op nieuwere fietsen, en zeker op e-bikes, steeds vaker handremmen. Wat is nu eigenlijk veiliger? Het eerlijke antwoord hangt af van je fiets en hoe je rijdt.
Hoe werkt een terugtraprem eigenlijk?
Een terugtraprem, vaak een torpedonaaf genoemd naar een klassiek merk, zit verstopt in de achternaaf van het achterwiel. Zolang je vooruit trapt of laat uitrollen, gebeurt er niets. Trap je een klein stukje achteruit, dan duwt een mechanisme in de naaf de remmantels naar buiten tegen de binnenkant van de naaf. Die wrijving remt het achterwiel af. Zo'n achternaaf met remwerk erin heet een remnaaf.
Het hele systeem zit dus binnenin, beschermd tegen weer en wind. Er komen geen kabels of hendels aan te pas. Een terugtraprem gaat vrijwel altijd samen met één versnelling of met een naafversnelling, want ook die zit netjes in de naaf verpakt.
Wat zijn de voordelen van een terugtraprem?
De terugtraprem dankt zijn populariteit aan een paar heldere sterke punten.
- Simpel en vertrouwd. Je remt met je voeten, een beweging die veel mensen als kind al hebben geleerd. Geen hendels, geen gedoe.
- Weerbestendig. Het remwerk zit in de naaf en heeft geen last van regen, modder of ijs. De remkracht blijft het hele jaar door gelijk.
- Weinig onderhoud. Er zijn geen remblokken die slijten en geen kabels die roesten of verlopen. Het mechanisme kan jarenlang meegaan zonder aandacht.
- Een opgeruimde fiets. Geen kabels langs het stuur en frame die kunnen haken of losraken. Dat oogt netjes en scheelt kwetsbare onderdelen.
Voor een rustige stadsfiets waarmee je naar het werk of de supermarkt rijdt, zijn dat serieuze pluspunten. Wie een klassieke, onderhoudsarme fiets zoekt, komt de terugtraprem dan ook nog steeds vaak tegen. Op welke fietsen precies, zetten we verderop op een rij.
Wat zijn de nadelen van een terugtraprem?
Tegenover die voordelen staan een paar beperkingen die je moet kennen voordat je een keuze maakt.
Het belangrijkste punt: een terugtraprem remt alleen het achterwiel. Juist bij hard remmen verschuift je gewicht naar voren, waardoor er minder druk op het achterwiel komt te staan. Het achterwiel kan dan blokkeren en gaan slippen, terwijl de remweg langer wordt dan met een voorrem. De maximale remkracht is daardoor beperkt.
Daarnaast is de dosering minder fijn. Een handrem knijp je precies zo hard als je wilt, maar bij een terugtraprem is het verschil tussen zacht en fors afremmen kleiner en lastiger te voelen.
Er speelt nog een praktisch probleem: je kunt alleen remmen als de pedalen ongeveer horizontaal staan. Staan de trappers net verticaal op het moment dat je plots moet remmen, dan heb je eerst een stukje bewegingsruimte nodig voordat de rem pakt. In noodsituaties kost dat kostbare fracties van seconden. Je moet dus vooruitkijken en anticiperen.
Op een lange, steile afdaling waarbij je continu remt, kan de rem in de naaf bovendien oververhit raken en tijdelijk minder grip geven. In het vlakke Nederland kom je dat zelden tegen, maar in bergachtig terrein is het een reëel bezwaar.
Tot slot een technische: een terugtraprem gaat niet samen met een derailleur. Een derailleur heeft een vrijloop nodig en een ketting die vrij mag bewegen om te schakelen, en dat botst met een rem die juist op achteruit trappen reageert. Wil je veel versnellingen met een derailleur, dan val je automatisch terug op handremmen. Meer over dat verschil lees je in naafversnelling of derailleur.
Wat kunnen handremmen beter?
Handremmen, of dat nu velgremmen of schijfremmen zijn, werken op een andere manier. Je bedient met een hendel aan het stuur een rem op het wiel, los van je traptbeweging.
Dat brengt drie voordelen met zich mee. Ten eerste kun je een rem op het voorwiel plaatsen. Bij remmen verschuift het gewicht naar voren, en juist daar kan een voorrem de meeste kracht kwijt. Een voorrem levert daardoor duidelijk meer remkracht dan een achterrem. Ten tweede kun je fijner doseren: je voelt precies hoeveel remkracht je geeft. Ten derde maakt het niet uit hoe je pedalen staan of dat je aan het trappen bent; je knijpt en de fiets remt meteen.
Die eigenschappen worden belangrijker naarmate een fiets zwaarder en sneller is. Een gewone e-bike weegt al gauw meer dan een stadsfiets, en een elektrische fiets haalt makkelijker een hogere snelheid. Meer gewicht en meer snelheid betekent meer remweg, en dus meer remkracht nodig. Fabrikanten kiezen daarom op e-bikes vrijwel altijd voor handremmen, vaak hydraulische schijfremmen, omdat die veel en constante remkracht leveren in alle weersomstandigheden. Welk type dan het beste past, behandelen we in schijfremmen of velgremmen.
Bij de zwaarste categorie, de speed pedelec die tot 45 km/u trapondersteuning geeft, is er helemaal geen discussie. Die fietsen krijgen standaard hydraulische schijfremmen voor en achter. Op die snelheid en met dat gewicht is een achterwielrem simpelweg niet genoeg. Een terugtraprem zie je daar dan ook nooit.
Waarom hebben veel fietsen een combinatie?
In de praktijk is het lang geen kwestie van of-of. Heel veel klassieke stadsfietsen en omafietsen hebben juist beide: een terugtraprem in de achternaaf en een handrem op het voorwiel. Zo krijg je het gemak van terugtrappen in het dagelijkse verkeer, plus een echte voorrem die de meeste remkracht levert wanneer je die nodig hebt.
Die combinatie is ook logisch met het oog op de regels. Wettelijk moet een fiets twee onafhankelijke remmen hebben, en bij handremmen moet er een rem op zowel het voor- als het achterwiel zitten. Een fiets met alleen een terugtraprem voldoet daar niet aan; er hoort dan minimaal een handrem op het voorwiel bij. Die twee remmen werken los van elkaar, zodat je altijd nog remt als er één uitvalt.
| Kenmerk | Terugtraprem | Handremmen voor en achter |
|---|---|---|
| Welke wielen | Alleen achter | Voor en achter |
| Remkracht | Beperkt | Hoog, vooral op het voorwiel |
| Dosering | Grover | Fijn regelbaar |
| Onderhoud | Zeer laag | Remblokken en kabels controleren |
| Weersinvloed | Nauwelijks | Schijfrem constant, velgrem minder bij nat |
| Pedaalstand | Kan belemmeren | Niet van belang |
| Geschikt voor e-bike | Zelden, alleen lichte modellen | Ja |
Welke fietsen hebben nog een terugtraprem?
Zoek je gericht een fiets met terugtraprem, dan is de vuistregel kort: hij zit op fietsen zonder derailleur. In de praktijk komt dat neer op vier groepen die je in Nederland dagelijks tegenkomt.
- De klassieke stads- en omafiets. Meestal met één versnelling of met een naafversnelling van drie tot zeven versnellingen. Dit is verreweg de grootste groep, en meteen de reden dat zoveel Nederlanders het terugtrappen gewend zijn.
- Kinderfietsen. Op de kleinere maten is de terugtraprem eerder regel dan uitzondering. Kinderhanden knijpen nog niet hard genoeg voor een volwassen handrem, en remmen met je voeten gaat vanzelf.
- Vouwfietsen. Niet allemaal, maar de eenvoudige uitvoeringen met een naafversnelling hebben hem geregeld.
- Klassieke transportfietsen. Ook daar zie je de combinatie van een naafversnelling met een terugtraprem, al krijgen zwaardere en elektrische bakfietsen tegenwoordig vrijwel altijd handremmen.
Wat je niet zult vinden, is een fiets met een derailleur én een terugtraprem. Dat gaat mechanisch niet samen, om de reden die hierboven staat. Wil je dus veel versnellingen en toch terugtrappen, dan kom je automatisch bij een naafversnelling uit. Wat die twee systemen onderscheidt, lees je in naafversnelling of derailleur.
Het aanbod is het grootst op de tweedehandsmarkt, simpelweg omdat de Nederlandse stadsfiets decennialang zo gebouwd is. Ga je die kant op, loop dan wel eerst de tips voor het kopen van een tweedehands fiets door, want aan de buitenkant van een remnaaf zie je niet hoe het remwerk erbinnen ervoor staat. Wil je een beeld van wat er in dit segment rondrijdt, kijk dan bij de stadsfietsen. Even proefrijden zegt hier meer dan een specificatielijst: het verschil tussen een frisse en een uitgewoonde remnaaf voel je binnen honderd meter.
Bestaat er een elektrische fiets met terugtraprem?
Ja, maar zeldzamer dan veel mensen denken, en het hangt af van waar de motor zit.
Zit de motor in het voorwiel, dan blijft de achternaaf vrij. Daar past dus gewoon een naafversnelling met terugtraprem in, en die combinatie is jarenlang gebouwd op eenvoudige elektrische stadsfietsen. In theorie kan het ook bij een middenmotor met een naafversnelling achter, al kiezen fabrikanten daar in de praktijk bijna altijd voor handremmen.
Zit de motor in het achterwiel, dan houdt het op. De achternaaf is dan de motor zelf, en daar is geen ruimte meer voor een terugtrapmechanisme. Een e-bike met achterwielmotor heeft dus altijd handremmen. Meer over die motorposities lees je in middenmotor of naafmotor.
Er speelt nog een tweede reden, en die weegt zwaarder dan de techniek. Een e-bike is zwaarder en haalt makkelijker snelheid, en een rem die alleen het achterwiel pakt levert dan te weinig. Hoe zwaarder en sneller het model, hoe minder de terugtraprem op zijn plaats is. Op een speed pedelec kom je hem dan ook nooit tegen.
Zoek je toch specifiek een elektrische fiets waarop je met je voeten kunt remmen, vraag dan in de winkel na wat er op dat model zit. Het staat lang niet altijd in de specificaties, en het kan per uitvoering van dezelfde fiets verschillen. Kijk voor het bredere aanbod bij de elektrische fietsen en laat je voorrekenen wat het remsysteem betekent voor jouw gewicht en je dagelijkse route.
Kun je een terugtraprem verwijderen of ombouwen?
Dit is een veelgestelde vraag, en het antwoord valt meestal tegen. Uitschakelen kan niet. Het mechanisme zit in de achternaaf, dus ombouwen betekent in de praktijk een ander achterwiel: een naaf zonder terugtraprem, doorgaans met een nieuw wiel eromheen ingespaakt.
Daar komt bij dat het frame de nieuwe rem moet kunnen dragen. Zat er nooit een handrem achter op, dan heb je bevestigingspunten of een remsteun nodig voor een velgrem of rolrem, plus een hendel en een kabel. Op oudere frames ontbreekt dat soms helemaal.
Reken er dus op dat dit werkplaatswerk is en dat de kosten flink kunnen oplopen, zeker in verhouding tot de waarde van een oudere fiets. Voor de meeste mensen is het eerlijker advies: kies bij aanschaf meteen het remsysteem dat je wilt, in plaats van het er later in te bouwen.
En vergeet dit niet: een fiets moet twee onafhankelijke remmen houden. Haal je de terugtraprem eruit, dan moeten er dus twee werkende handremmen voor terugkomen, voor én achter.
Je terugtraprem werkt niet goed: waar ligt dat aan?
Een remnaaf gaat lang mee, maar onsterfelijk is hij niet. Merk je dat de rem later pakt, dat je verder achteruit moet trappen voordat er iets gebeurt, of dat de remwerking slap aanvoelt, dan zijn dit de gebruikelijke oorzaken.
- Het remwerk is droog of vervuild. In de naaf zit speciaal vet dat de remmantels soepel laat werken. Is dat na jaren verhard of weggespoeld, dan wordt de rem stroef of juist happerig. Dat is werkplaatswerk, want de naaf moet er voor open.
- De remarm zit los. De remarm is het staafje dat van de naaf naar het frame loopt en de reactiekracht opvangt. Zit het klembandje los of is het gaan schuiven, dan draait de naaf mee bij het remmen en verlies je remkracht. Dit is een van de weinige dingen die je zelf kunt nakijken.
- De ketting hangt door. Bij een terugtraprem loopt de rembeweging via de ketting. Is die te slap, dan gaat er eerst beweging verloren voordat de rem pakt. Een goed verzorgde en gespannen ketting scheelt hier meer dan je zou denken, zoals we uitleggen in fietsketting smeren en schoonmaken.
- Slijtage in de naaf. Na tienduizenden kilometers kunnen de remmantels op zijn. Dan blijft alleen reviseren of vervangen over.
Belangrijk: een terugtraprem die niet goed pakt is geen klein ongemak, want op veel fietsen is het de enige rem op het achterwiel. Verandert er iets aan het remgevoel, laat hem dan nakijken in plaats van eraan te wennen. Hoe je je handremmen zelf controleert en afstelt, staat in fietsremmen afstellen en remblokken vervangen, en wat er verder periodiek langs moet in onze onderhoudschecklist.
Welke rem past bij welke fietser?
Rijd je vooral rustig door de stad op een lichte fiets, hou je van weinig onderhoud en ben je het terugtrappen gewend? Dan is een terugtraprem, aangevuld met een handrem voor, een prima en veilige keuze. Voor een groot deel van de dagelijkse ritten in Nederland volstaat dat ruimschoots.
Fiets je in heuvelachtig gebied, wil je maximale controle en korte remwegen, of rijd je een zware fiets of e-bike? Kies dan voor handremmen voor en achter. De extra remkracht en betere dosering wegen dan zwaarder dan het gemak van terugtrappen.
Twijfel je bij een concrete fiets welk remsysteem erop zit of hoe je het onderhoudt, laat dat dan even nakijken. Hulp bij afstellen en onderhoud vind je via de service van Budget Bike. Wil je zelf aan de slag met handremmen, dan helpt onze uitleg over fietsremmen afstellen je op weg.
Conclusie
Er is geen rem die in alle situaties wint. Een terugtraprem is simpel, weerbestendig en vertrouwd, maar remt alleen het achterwiel, is grover te doseren en past niet bij zware of snelle fietsen. Handremmen voor en achter leveren meer remkracht en betere controle, en zijn onmisbaar op e-bikes en speed pedelecs. Voor de meeste stadsfietsen is de gulden middenweg allang de standaard: een terugtraprem achter, gecombineerd met een handrem voor. Zo heb je het beste van beide, en voldoe je meteen aan de eis van twee onafhankelijke remmen.
Veelgestelde vragen
Is een terugtraprem veilig genoeg voor dagelijks gebruik?
Voor een lichte stadsfiets in rustig verkeer is een terugtraprem prima. Het systeem is betrouwbaar, weerbestendig en vergt nauwelijks onderhoud. Wel remt hij alleen het achterwiel, dus een handrem op het voorwiel maakt de fiets aanzienlijk veiliger en is bij handremmen ook wettelijk verplicht op beide wielen.
Waarom hebben speed pedelecs en zware e-bikes geen terugtraprem?
Die fietsen zijn zwaarder en halen hogere snelheden, tot 45 km/u bij een speed pedelec. Daarvoor heb je veel meer remkracht nodig dan een achterwielrem kan leveren. Ze krijgen daarom hydraulische schijfremmen voor en achter, met de nadruk op het voorwiel, waar bij remmen het meeste gewicht naartoe verschuift.
Kun je een terugtraprem combineren met een derailleur?
Nee, dat gaat in de praktijk niet samen. Een derailleur heeft een vrijloop nodig en de ketting moet vrij kunnen bewegen om te schakelen, terwijl een terugtraprem juist reageert op achteruit trappen. Een terugtraprem zie je daarom bijna altijd op fietsen zonder versnellingen of met een naafversnelling.
Kan een terugtraprem oververhit raken?
Op een lange, steile afdaling waarbij je continu remt, kan de rem in de naaf warm worden en tijdelijk minder grip geven. In het vlakke Nederland speelt dat zelden, maar in heuvelachtig gebied is het een reden om voor handremmen te kiezen, die de warmte beter kwijt kunnen.
Bestaat er een elektrische fiets met terugtraprem?
Ja, maar zeldzamer dan veel mensen denken. Zit de motor in het voorwiel, dan blijft de achternaaf vrij en past er een naafversnelling met terugtraprem in. Die combinatie is jarenlang gebouwd op eenvoudige elektrische stadsfietsen. Zit de motor in het achterwiel, dan is de naaf zelf de motor en kan het niet. Bovendien vraagt het hogere gewicht en de hogere snelheid van een e-bike om meer remkracht dan een achterwielrem levert, dus kiezen fabrikanten vrijwel altijd voor handremmen. Vraag bij een concreet model altijd na wat erop zit.
Kun je een terugtraprem verwijderen?
Niet zomaar. Het mechanisme zit in de achternaaf, dus je hebt een ander achterwiel nodig met een naaf zonder terugtraprem. Daarnaast moet het frame een handrem achter kunnen dragen, met bevestigingspunten, een hendel en een kabel, en dat ontbreekt op oudere frames soms helemaal. Het is werkplaatswerk waarvan de kosten flink kunnen oplopen in verhouding tot de waarde van een oudere fiets. Houd er ook rekening mee dat de fiets twee onafhankelijke remmen moet houden.
Thomas Bakker
Redacteur e-bikes & techniek
Thomas schrijft over e-bikes, aandrijvingen en techniek. Hij test fietsen het liefst op zijn dagelijkse woon-werkroute en pluist specificaties uit tot op de laatste newtonmeter.
Fietsblad werkt met een openbaar redactiestatuut over bronnen, feiten en correcties. Lees meer over de redactie.


